Misser poldermodel leidt tot werkende armen

In het poldermodel kwamen de partijen niet tot het inzicht dat een basisinkomen essentieel is voor de economie van de toekomst (heden) en dat de prijzen op een niveau moeten liggen dat de bedrijfsinkomsten dusdanig zijn dat de werknemers een fatsoenlijke beloning uit betaald kunnen krijgen om hun bestaan te bekostigen.

Het overleg tussen bonden en werkgeversorganisaties leidde enkel tot gematigde looneisen en hier en daar wat toegeven van de werkgevers. Het leverde een tijdelijke stabiliteit op die een platform had moeten zijn voor verdere stappen naar wezenlijke vernieuwing. In plaats daarvan werd in de jaren erna de overlegstructuur afgebroken en kreeg kille hebzucht de vrije hand en werden in rap tempo de rechten en de positie van de werknemers uitgehold.

Dat de verdergaande automatisering en robotisering tot permanente hoge werkloosheid zouden leiden was te voorzien en het was uit te rekenen dat een basisinkomen onontkoombaar was voor een substantiële economie. De bonden hadden uit passende zorg voor de werknemers die hun banen zagen verdampen een fatsoenlijk basisinkomen moeten eisen. Wat helemaal niet tegenstrijdig was geweest aan de belangen van de werkgevers, die immers koopkrachtige consumenten nodig hebben. Er was dan een enorme boost aan de economie gegeven en daarvan had het minimumloon opgetrokken kunnen worden tot zeg het dubbele van het basisinkomen, zodat werken loont. In plaats van wat we nu hebben de ‘werkende armen’. Daarentegen werden meer en meer essentiële diensten en producten geprivatiseerd met de belofte dat concurrentie tot prijsverlaging en hogere kwaliteit zou leiden. Hogere kwaliteit is er nu slechts voor degenen met een dikke beurs en de kosten van basisvoorzieningen zijn enorm gestegen om de gigantische winsten te genereren waar de inmiddels tot multinationals samengevoegde bedrijven op uit zijn. En de lonen zijn verder en verder onder druk komen te staan.

We zien dat op deze manier enorme hoeveelheden geld uit de economie van de samenleving verdwijnen en verdwenen zijn waardoor deze gestagneerd is. Het is daarom gerechtvaardigd om te beslissen dat het geld wat we in feite te veel betalen voor onze basisvoorzieningen, de winst voor deze multinationals, terugvloeit in samenleving. Dit kan in de vorm van het verstrekken van een basisinkomen aan hen die geen andere bron van inkomsten hebben. De bestedingen gaan zo omhoog en de bedrijfsinkomsten nemen toe. Hiervan kan een hoger minimumloon gefinancierd worden zodat dit zeg tweemaal de waarde is van een basisinkomen zodat werken loont en financieel aantrekkelijk blijft en een luxer bestaan mogelijk maakt.

De misser uit het verleden kunnen we alsnog rechtzetten met de Basis Inkomen Partij.

Tekst: Martijn de Graaf

Share