Iedereen is letterlijk hetzelfde, hetzelfde fysieke wezen.

Superioriteit en inferioriteit worden geboren als ideeën, als denkbeelden en zelfdefinities in de geest, die niet overeenkomen met de realiteit: dat iedereen één en gelijk is, dat iedereen hetzelfde wezen is.

Omdat iedereen één en gelijk is, heeft iedereen recht op hetzelfde. Dat is het recht op leven dat gelijk is voor iedereen en omdat iedereen gelijk is heeft iedereen recht op hetzelfde leven.

Honger zou niet mogen bestaan, armoede zou niet mogen bestaan. Honger en armoede zijn het gevolg van denkbeelden en zelfdefinities in de geest, omdat de ene denkt dat hij bijzonderder en specialer is dan een ander terwijl iedereen één en gelijk is, terwijl iedereen hetzelfde is en staat als hetzelfde.

Honger en armoede zijn het gevolg van denkbeelden en zelfdefinities, die bestaan als een illusie die verborgen is in het hoofd van mensen: wie kan zeggen dat hij meer is dan een ander? Iedereen kan zien dat alle wezens één en gelijk zijn.

Geld wordt niet gegeven en verdeeld op basis van wie de mensheid werkelijk is – allemaal één en gelijk – maar op basis van een idee dat we over onszelf aanvaard hebben en het geld dat bestaat in de wereld steunt niet wie de mensheid werkelijk is als leven, één en hetzelfde wezen, maar het idee dat we over onszelf aanvaard hebben, het geld steunt deze illusie.

Het geldsysteem zoals dat vandaag bestaat moet eindigen en het zal vanzelf ten gronde gaan, omdat het gebaseerd is op een illusie, op iets wat niet reëel is en wanneer het geldsysteem afgelopen is, zal de illusie dat er verschillen bestaan tussen de mensen ook afgelopen zijn.

Dan zullen we onszelf een geldsysteem geven waarin iedereen één en gelijk is van bij de geboorte, dan zal het geldsysteem eenheid en gelijkheid steunen.

Bron foto